Geschiedenis

Wie het monumentale gebouw van De Vereeniging aan het Keizer Karelplein goed bekijkt, kan zich niet voorstellen dat De Vereeniging in minder dan één jaar tijd is gebouwd. Er was destijds haast geboden: rond 1900 weigerde Willem Mengelberg nog langer met zijn Concertgebouworkest Nijmegen aan te doen in de gammele oude Sociëteit De Vereeniging. Men stelde toen terecht: ‘… dat deze lokaliteiten in geen enkel opzicht meer voldoen aan de eischen van een beschaafd publiek in den tegenwoordigen tijd’.

Op deze plek begon men begin 1914 na de afbraak van het oude met de bouw van het nieuwe gebouw, dat in februari 1915 feestelijk werd geopend: het meesterwerk van architect Oscar Leeuw. Het zou nog 2 jaar duren voordat de Kleine Zaal was voltooid. Hier leefden Oscar, zijn broer Henri (schilder en beeldhouwer) en Huib Luns (kunstschilder) zich uit in hun Gesamtkunstwerk, een kunstvorm die typerend was voor hun tijd.

Het Concertgebouw bleek meteen een enorm succes. Mengelberg was er trots op en vond dit ‘het mooiste Concertgebouw in Nederland’. New York kreeg de tekeningen toegestuurd, een Zweedse prins werd door Leeuw rondgeleid om inspiratie op te doen voor de bouw van een concertzaal in Stockholm. Iedereen prees de fenomenale akoestiek, die te danken was aan het schoenendoosmodel dat Leeuw overnam van de zalen in Wenen, Leipzig en Amsterdam.

In de jaren die volgden, heeft het gebouw intern veel veranderingen ondergaan. Het meest gehavend werd het door de strijd in en om Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog, vooral door de wijze waarop bezetters en bevrijders met het interieur omgingen.

Pas met de laatste grote restauratie van 1984/1985 – een initiatief van de toenmalige directeur Sandor Joó – kwam een eind aan allerlei tijdelijke en meestal lelijke aanpassingen die het gebouw moest ondergaan. De Grote Zaal kreeg toen zijn huidige aanzicht. Maar voor verdere restauratie was geen geld: de aanleiding voor de oprichting van onze Vereniging in 1984.

In 1992 heeft de vereniging zich met succes verzet tegen een bestemmingsplan dat een bedreiging vormde voor het gebouw als monument en als cultureel centrum. Intussen is iedereen het erover eens dat het nieuwe ING-kantoor op fraaie wijze het Concertgebouw zijn erepositie gunt. Ingrijpende uitbreidings- en restauratiewerkzaamheden hebben ertoe geleid dat de Kleine Zaal in volle glorie is herrezen uit de vernielingen die in 1972 zijn aangericht. Voor een kunsthistorisch verantwoorde aanpak heeft dr.W.J. Pantus in opdracht van de Vrienden een rapport geschreven dat in maart 1998 aan de NV Mensec is aangeboden en als blauwdruk heeft gediend bij de restauratie.